Nederland profileert zich internationaal als hét fietsland. Dat beeld klopt nog steeds. Maar de cijfers uit 2025 laten zien dat de vanzelfsprekendheid van veiligheid onder druk staat. Met 759 verkeersdoden – het hoogste aantal sinds 2007 – is er meer aan de hand dan een slecht jaar. Dit markeert een kantelpunt.
De meest confronterende constatering is dat de toekomst ons heeft ingehaald. Het SWOV waarschuwde dat Nederland in 2040 zou uitkomen op 720 tot 760 verkeersdoden. Dat niveau is in 2025 al bereikt.
Wat ooit een prognose was, is nu realiteit.
De fietser als kwetsbare kern
Van de 759 verkeersdoden waren er 281 fietser. Daarmee blijft de fiets de meest kwetsbare schakel in het mobiliteitssysteem. De echte verdieping zit in wie deze slachtoffers zijn.
Volgens Centraal Bureau voor de Statistiek en berichtgeving van NOS zat de stijging vrijwel volledig bij mannen van 70 jaar en ouder.
Dit maakt het vraagstuk fundamenteel anders. Het gaat niet alleen over verkeer, maar over vergrijzing en kwetsbaarheid in een systeem dat daar onvoldoende op is ingericht.
Binnen het werkveld van Stichting Bureau Toerisme zien wij dagelijks hoe essentieel fietsen is voor recreatie en toeristische beleving. Juist daarom raakt deze ontwikkeling direct aan de kwaliteit en toekomstbestendigheid van bestemmingen.
De e-bike als katalysator van risico
De e-bike wordt vaak aangewezen als oorzaak, maar die conclusie is te simpel.
Uit analyses via Open Overheid blijkt dat niet kan worden vastgesteld dat de e-bike op zichzelf gevaarlijker is dan een gewone fiets. Het hogere aantal slachtoffers komt vooral doordat andere doelgroepen erop rijden en doordat er meer kilometers worden gemaakt.
Meer gebruik betekent meer risico-exposure.
Tegelijkertijd verandert de dynamiek op het fietspad fundamenteel. Ouderen fietsen langer, verder en sneller. Ze komen vaker op drukkere en complexere wegen terecht. De Fietsersbond wijst erop dat dodelijke ongevallen relatief vaak plaatsvinden op 50- en 80-kilometerwegen.
De e-bike is dus geen oorzaak, maar een versneller van een systeem dat onder druk staat.
De verborgen crisis achter de cijfers
De 281 fietsdoden vormen slechts het zichtbare deel van het probleem.
Volgens VeiligheidNL waren er in 2024 ruim 74.300 SEH-bezoeken na fietsongevallen. Het aantal ernstige letsels stijgt snel, met name bij e-bikegebruikers. Opvallend is het relatief hoge aandeel hersenletsel.
Dit betekent langere revalidatie, hogere zorgkosten en een blijvende impact op kwaliteit van leven.
De maatschappelijke schade zit dus niet alleen in overlijdens, maar vooral in een structurele druk op zorg en samenleving.
Infrastructuur sluit niet meer aan
De kern van het probleem ligt in de mismatch tussen gebruiker en infrastructuur.
Nederland heeft een fietssysteem ontwikkeld dat jarenlang optimaal functioneerde. Maar de gebruiker is veranderd: ouder, sneller en diverser. Tegelijkertijd is het gebruik intensiever en complexer geworden.
De Rijksoverheid erkent dit in het Meerjarenplan Fietsveiligheid 2025–2029, met focus op veiliger infrastructuur, minder snelheidsverschillen en valpreventie.
Maar de vraag blijft: waarom lopen de cijfers nu pas zo hard op, terwijl de risico’s al jaren bekend zijn?
Oplossingen zijn bekend, uitvoering blijft achter
De Verkeersveiligheidscoalitie pleit al langer voor maatregelen zoals investeringen in fietsinfrastructuur, strengere handhaving en een maximumsnelheid van 30 km/u binnen de bebouwde kom.
De oplossingen liggen op tafel. De urgentie is evident.
Wat ontbreekt, is tempo in uitvoering en samenhang in beleid.
Een systeem onder druk
Vanuit Stichting Bureau Toerisme zien wij dat mobiliteit en beleving onlosmakelijk verbonden zijn. Een regio die aantrekkelijk wil zijn voor bewoners en bezoekers, moet ook veilig zijn.
Dit vraagt om een bredere benadering dan alleen verkeersmaatregelen. Het vraagt om een integrale visie op ruimte, mobiliteit en doelgroepontwikkeling.
“Wat wij nu zien, is dat het systeem van het Nederlandse fietsland niet meer aansluit op de gebruiker van vandaag. We hebben infrastructuur gebouwd voor gisteren, terwijl de mobiliteit van morgen al begonnen is,” zegt Richard de Bruin, directeur-bestuurder van Stichting Bureau Toerisme.
De ongemakkelijke realiteit
Nederland is nog steeds een fietsland. Maar niet meer vanzelfsprekend een veilig fietsland.
De cijfers van 2025 laten zien dat we te maken hebben met structurele veranderingen: vergrijzing, veranderend gebruik en infrastructuur die niet overal meegroeit.
Dit is geen tijdelijk probleem. Dit is een kantelpunt.
Wie dat niet onderkent, loopt achter de feiten aan.



